Mozes en “de bloedbruidegom”

In Exodus vinden we een verhaal over Mozes, Mozes gaat op een bepaald moment terug naar zijn schoonvader en zeide tot hem dat hij terug wilde keren naar zijn  broeders in eht lang Egypte om te kijken hoe het met hen was en of zij nog leefden.
Zijn schoonvader zegt: “ga in vrede”. En zo gaat Mozes terug naar Egypte.

Mozes neemt daarop zijn vrouw en zonen, zette hen op een ezel en keerde naar het land van Egypte terug.

Toen zij onderweg waren zocht God Mozes te doden, de vrouw van Mozes, Sippora neemt hierop een mes, besneed de voorhuid van haar zoon, raakte met het mes de voeten van Mozes aan en zeide tegen hem: “Voorzeker, gij zijt mij een bloedbruidegom”.

Daarna liet God Mozes met rust.
Wat zien we in dit verhaal?

Exo 4: 18  Toen keerde Mozes naar zijn schoonvader Jeter terug en zeide tot hem: Ik wilde wel terugkeren naar mijn broeders, die in Egypte zijn, en zien, of zij nog leven. En Jetro zeide tot Mozes: Ga in vrede.

Exo 4: 19  Want de Here had tot Mozes in Midjan gezegd: Keer terug naar Egypte, want alle mannen, die u naar het leven stonden, zijn dood.

Exo 4: 20  Daarop nam Mozes zijn vrouw en zijn zonen, zette hen op een ezel en keerde naar het land Egypte terug; ook nam Mozes de staf Gods in zijn hand.

Exo 4: 21  En de Here zeide tot Mozes: Nu gij gaat terugkeren naar Egypte, zie toe, dat gij voor het aangezicht van Farao al de wonderen doet, die Ik in uw macht gesteld heb. Maar Ik zal zijn hart verharden, zodat hij het volk niet zal laten gaan.

Exo 4: 22  Dan zult gij tot Farao zeggen: Zo zegt de Here: Israel is mijn eerstgeboren zoon;

Exo 4: 23  daarom zeg Ik u: laat mijn zoon gaan, opdat hij Mij diene; zoudt gij echter weigeren hem te laten gaan, dan zal Ik uw eerstgeboren zoon doden.

Exo 4: 24  Onderweg nu, in een nachtverblijf, kwam de Here hem tegen en zocht hem te doden.

Exo 4: 25  Toen nam Sippora een stenen mes, besneed de voorhuid van haar zoon, raakte daarmee zijn voeten aan en zeide: Voorzeker, gij zijt mij een bloedbruidegom.

Exo 4: 26  En Hij liet hem met rust. Bloedbruidegom, zeide zij toen, met het oog op de besnijdenis.

Als we dit verhaal gaan overdenken merken we een aantal zaken op.

Het verbond van de besnijdenis

In de eerste plaats, er was een verbond van besnijdenis.

We lezen uit Genesis 17.

Gen 17: 9  Voorts zeide God tot Abraham: En wat u aangaat, gij zult mijn verbond houden, gij en uw nageslacht, in hun geslachten.

Gen 17: 10  Dit is mijn verbond, dat gij zult houden tussen Mij en u en uw nageslacht: dat bij u al wat mannelijk is besneden worde;

Gen 17: 11  gij zult het vlees van uw voorhuid laten besnijden, en dat zal tot een teken van het verbond zijn tussen Mij en u.

Gen 17: 12  Wie acht dagen oud is, zal bij u besneden worden, al wat mannelijk is in uw geslachten: zowel wie in uw huis geboren is, als wie van enige vreemdeling voor geld is gekocht, doch niet van uw nageslacht is.

Gen 17: 13  Wie in uw huis geboren is en wie door u voor geld gekocht is, moet voorzeker besneden worden; zo zal mijn verbond in uw vlees zijn tot een eeuwig verbond.

Gen 17:14  En de onbesnedene, de man namelijk, die het vlees van zijn voorhuid niet laat besnijden, die mens zal uitgeroeid worden uit zijn volksgenoten: hij heeft mijn verbond verbroken.

Het verbond, van de besnijdenis werd gegeven aan Abraham en dit verbond moest gehouden worden door Abraham en zijn nageslacht. (vers 9)

Al het mannelijke moest besneden worden op de achtste dag, dit was een uiterlijk teken van dit verbond. (vers 10, 11)

Zelfs de vreemdeling die gekocht werd moest besneden worden. Het was een eeuwig verbond. (vers 12, 13)

Als laatste lezen we dat de man die zich niet liet besnijden uitgeroeid zou worden uit de volksgenoten.

De toepassing

Als we dan naar dit korte verslag (Ex. 4: 24- 26) gaan vergelijken met Genesis 17, dan lijkt het erop dat de zoon van Mozes nog niet besneden was en dat daarom God Mozes wilde doden, dit omdat hij het verbond van de besnijdenis niet had gevolgd.

Een aantal dingen zijn moeilijk om precies te weten over dit gebeuren, waarom had Mozes zijn zoon nog niet besneden, waarom deed Sippora deze besnijdenis, dit zijn vragen waar we niet echt een antwoord op vinden.

Het lijkt er in ieder geval op, voor wat voor reden dan ook, dat Mozes zijn zoon niet had besneden, dit volgens de woorden van Genesis 17, en dat God hem daarom wilde doden.
Maar omdat Sippora de zoon wel besneed, gaf God hem genade.

Copyright © 2017 Gert-Jan van Zanten · Webdesign by R081N
All Rights Reserved · webbijbel.nl
Hosted by VDX.nl VDX

 

Naar boven