"Het
koninkrijk van Jesaja 2"
Jesaja 2; Micha 4
1. De
laatste dagen.
Als we
kijken naar het nieuwe Testament zien we dat de tijd van het tweede
verbond (Hebr. 9: 15- 17) consequent samengaat met de term “de
laatste dagen”. We zien dan dat de tijd van de gemeente een tijd is
die “de laatste dagen” genoemd word.
Vaak
denken mensen dat de woorden: “de laatste dagen” een referentie zou
zijn naar de dagen net voor de wederkomst van Christus maar niets is
minder waar.
“De laatste dagen” zijn woorden en een begrip dat gebruikt word om
de tijd aan te geven vanaf de oprichting van de gemeente.
In het
boek van Handelingen word daarover al gesproken als Petrus spreekt
over de vervulling van de woorden van Joël als van al hetgene dat op
deze Pinksterdag gebeurd. De woorden van Joël beginnen dan ook met
de woorden: “maar dit is het dat gesproken is door de profeet Joël,
en het zal zijn in de laatste dagen”.
Verdere
referenties naar “de laatste dagen”:
-Handl. 2: 16- 17
–2 Tim. 3: 1
-Hebr. 1: 1- 3
–2 Petrus 3: 3
Door alle
bovenstaande teksten zien we dat “de laatste dagen” woorden zijn die
de nieuw Testamentische tijd aangeven.
Act 3:22 Want Mozes
heeft tot de vaderen gezegd: De Heere, uw God, zal u een Profeet
verwekken, uit uw broederen, gelijk mij; Dien zult gij horen, in
alles, wat Hij tot u spreken zal.
Act 3:23 En het zal
geschieden, dat alle ziel, die dezen Profeet niet zal gehoord
hebben, uitgeroeid zal worden uit den volke.
Act 3:24 En ook al de
profeten, van Samuel aan, en die daarna gevolgd zijn, zovelen als er
hebben gesproken, die hebben ook deze dagen te voren verkondigd.
Act 3:25 Gijlieden zijt
kinderen der profeten, en des verbonds, hetwelk God met onze vaderen
opgericht heeft, zeggende tot Abraham: En in uw zade zullen alle
geslachten der aarde gezegend worden.
Act 3:26 God, opgewekt
hebbende Zijn Kind Jezus, heeft Denzelven eerst tot u gezonden, dat
Hij ulieden zegenen zou, daarin dat Hij een iegelijk van u afkere
van uw boosheden.
1Pe 1:18 Wetende dat gij
niet door vergankelijke dingen, zilver of goud, verlost zijt uit uw
ijdele wandeling, die u van de vaderen overgeleverd is;
1Pe 1:19 Maar door het
dierbaar bloed van Christus, als van een onbestraffelijk en
onbevlekt Lam;
1Pe 1:20 Dewelke wel
voorgekend is geweest voor de grondlegging der wereld, maar
geopenbaard
is in deze laatste tijden
om uwentwil,
2. De wet uit Zion.
De wet zou voortgaan vanuit Zion.
Als we kijken naar de nieuw Testamentische gemeente zien we dat deze
begonnen is in Jerusalem.
Op de Pinsterdag zien we dat de Apostelen vergaderd zijn in
Jerusalem, de Geest komt over hen en de eerste mensen (Joden) worden
toegevoegd aan deze gemeente.
Dit alles gebeurde vanuit Jerusalem.
-Lukas 24: 46- 52
-Handl. 1: 4
Jerusalem was de plaats waaruit alles is begonnen. Christus is in
Jerusalem gestorven en toen Christus is gestorven is het tweede
verbond van kracht geworden.
We zien dan ook dat de gemeente in Hebreen beschreven word.
Heb 12:18 Want gij zijt
niet gekomen tot den tastelijken berg, en het brandende vuur, en
donkerheid, en duisternis, en onweder,
Heb 12:19 En tot het
geklank der bazuin, en de stem der woorden; welke die ze hoorden,
baden, dat het woord tot hen niet meer zou gedaan worden.
Heb 12:20 (Want zij
konden niet dragen, hetgeen er geboden werd: Indien ook een gedierte
den berg aanraakt, het zal gestenigd of met een pijl doorschoten
worden.
Heb 12:21 En Mozes, zo
vreselijk was het gezicht, zeide: Ik ben gans bevreesd en bevende).
Heb 12:22 Maar gij zijt
gekomen tot den berg Sion, en de stad des levenden Gods, tot het
hemelse Jeruzalem, en de vele duizenden der engelen;
Heb 12:23 Tot de
algemene vergadering en de Gemeente der eerstgeborenen, die in de
hemelen opgeschreven zijn, en tot God, den Rechter over allen, en de
geesten der volmaakte rechtvaardigen;
Heb 12:24 En tot den
Middelaar des nieuwen testaments, Jezus, en het bloed der
besprenging, dat betere dingen spreekt dan Abel.
Heb 12:25 Ziet toe, dat
gij Dien, Die spreekt, niet verwerpt; want indien dezen niet zijn
ontvloden, die dengene verwierpen, welke op aarde Goddelijke
antwoorden gaf, veelmeer zullen wij niet ontvlieden, zo wij ons van
Dien afkeren, Die van de hemelen is;
Vergelijk ook:
-Zech. 9: 9
-Matt. 21: 5
3. De berg van het huis des Heeren.
De berg is een woord dat spreekt van macht en de oprichting van
macht vanuit God.
In het
nieuwe Testament word dit de gemeente ook met verschillende termen
besproken, een belangrijke in deze kontext is ook Koll. 1: 13 waar
gesproken word dat de gemeente het koninkrijk van Christus is.
Col 1:12 Dankende den
Vader, Die ons bekwaam gemaakt heeft, om deel te hebben in de erve
der heiligen in het licht;
Col 1:13 Die ons
getrokken heeft uit de macht der duisternis,
en overgezet heeft in het Koninkrijk van den Zoon
Zijner liefde;
Openb 1:8 Ik ben de Alfa
en de Omega, het Begin en het Einde, zegt de Heere, Die is, en Die
was, en Die komen zal, de Almachtige.
Openb 1:9 Ik, Johannes,
die ook uw broeder ben,
en medegenoot in de verdrukking, en in het Koninkrijk,
en in de lijdzaamheid van Jezus Christus, was op het eiland, genaamd
Patmos, om het Woord Gods, en om de getuigenis van Jezus Christus.
Kijk ook
naar de volgende passage:
Mar 9:1 En Hij zeide tot
hen: Voorwaar, Ik zeg u, dat er sommigen zijn van degenen, die hier
staan, die den dood niet zullen smaken, totdat zij zullen hebben
gezien, dat het
Koninkrijk Gods
met kracht gekomen is.
Jezus vertelde Zijn discipelen later dat Hem was gegeven “alle macht
in hemel en op aarde”. (Matt. 28: 18)
Ook een
belangrijke profetie uit Daniël spreekt over het koninkrijk dat niet
zou vergaan, een koninkrijk dag in eeuwigheid zou bestaan.
Dan 2:44 Doch in de
dagen van die koningen zal de God des hemels een Koninkrijk
verwekken, dat in der eeuwigheid niet zal verstoord worden; en dat
Koninkrijk zal aan geen ander volk overgelaten worden; het zal al
die koninkrijken vermalen, en te niet doen, maar zelf zal het in
alle eeuwigheid bestaan.
We zien dan ook dat dit koninkrijk nooit verloren zou gaan.
-Matt. 16: 16- 18
-1 Kor. 15: 28
David en de heilige berg.
Verder heeft David hier over geschreven toen hij in Psalm 2 sprak
dat God de koning (Christus) over Zion Zijn heilige berg heeft
gezet.
Vers 7 van deze Psalm is vervuld in de opstanding van Christus.
-Handl. 13: 33
We zien dan dat dit alles vervuld is in Christus.
Al de naties.
Psalm 22: 28; Jesaja 49: 6; Daniel 7: 13- 14
4. Ze zullen geen oorlog meer voeren.
In de gemeente zien we dit vervuld.
Jesaja 11: 6- 10
-Vergelijk dit met Romeinen 15: 12
We zien dat Paulus over deze woorden spreekt in Romeinen als zijnde
vervuld in de gemeente.
God heeft de grootste vijanden van elkaar bij elkaar gebracht en
vrede regeert in deze gemeente.
Geen wapens meer maar geestelijke wapens.
-2 Kor. 10: 3- 5
-Efeze 2: 17